Is zwemmen beter bij blessures of herstel?
Getty Images

Kun je door een blessure even niet hardlopen? Grote kans dat iemand al oppert om te gaan zwemmen. Klinkt logisch, want in het water voelt je lichaam een stuk lichter en van harde landingen is geen sprake. Maar wie ooit een flink aantal banen borstcrawl heeft getrokken, weet ook dat zwemmen bepaald geen luie bedoening is.
Bij een blessure kan zwemmen een fijne manier zijn om toch te blijven bewegen. Maar of het ook echt goed is voor je herstel, hangt af van je blessure én van hoe je zwemt. Ook na een zware training doet een rondje in het zwembad niet automatisch wonderen.
Waarom zwemmen vaak goed werkt bij een blessure
Het grote voordeel zit letterlijk in het water. Door de opwaartse kracht wordt een deel van je lichaamsgewicht gedragen, waardoor je botten, gewrichten en andere structuren minder schokbelasting te verwerken krijgen dan bijvoorbeeld tijdens hardlopen. Tegelijkertijd moet je tegen de weerstand van het water in bewegen en kun je je hart en longen flink aan het werk zetten. Je kunt dus behoorlijk trainen zonder bij iedere stap je volledige lichaamsgewicht op te vangen.
Daarom is zwemmen volgens vele sportartsen een goede manier om je conditie op peil te houden zonder je botten en gewrichten zwaar te belasten. Zeker bij een langdurige blessure kan het een fijn alternatief zijn voor je normale training. Dat maakt water vooral interessant wanneer bewegen op het droge lastig is. Ook binnen de revalidatie wordt daar gebruik van gemaakt. Bij hydrotherapie zorgt het water ervoor dat iemand minder lichaamsgewicht ervaart en vaak makkelijker kan bewegen. Warm water kan bovendien helpen om te ontspannen en bewegen prettiger te maken.
Is zwemmen beter voor je herstel dan bewegen op het droge?
Hier wordt het interessant, want zwemmen wint niet automatisch. In een onderzoek naar oefeningen in het water bij verschillende spier- en gewrichtsaandoeningen verbeterden pijn en lichamelijk functioneren ten opzichte van helemaal niet bewegen. Vergeleken met oefeningen op het land waren de resultaten alleen ongeveer gelijk. Het water lijkt dus vooral een andere manier om te bewegen en niet per se een betere.
Voor een geblesseerde sporter kan juist die andere manier ontzettend handig zijn. Stel dat hardlopen door de herhaalde klappen nog niet prettig voelt, terwijl je pijnvrij kunt zwemmen. Dan kun je in het zwembad aan je conditie blijven werken zonder dezelfde belasting op je benen. Zeker als je normaal meerdere keren per week traint, kan dat een fijne manier zijn om tijdens je herstel toch in beweging te blijven.
Niet iedere blessure wordt blij van zwemmen
Alleen is ‘weinig impact’ niet hetzelfde als ‘weinig belasting’. Tijdens borstcrawl, rugslag en vlinderslag maken je schouders steeds opnieuw grote bewegingen. De zogeheten zwemmersschouder is niet voor niets een bekende overbelastingsblessure. Heb je juist schouderklachten, dan kan gedachteloos banen trekken de pijn dus verergeren in plaats van je herstel helpen.
Ook bij knieklachten is de keuze van je zwemslag belangrijk. Vooral de beenbeweging bij schoolslag vraagt behoorlijk wat van de knie. Sporters die vanwege knieproblemen gaan zwemmen, krijgen daarom het advies om juist met die slag voorzichtig te zijn. De schoolslag kan daarnaast de lies belasten en door de positie van het lichaam bij sommige mensen ook rugklachten uitlokken. Het maakt dus nogal uit hóe je zwemt.
Na een operatie kun je beter niet te snel het zwembad induiken. Ook als jij je alweer best goed voelt, moet de wond eerst goed genezen zijn. Meestal kun je pas weer zwemmen als de wond helemaal dicht en droog is. Wanneer dat precies is, verschilt per operatie, dus houd altijd het advies van je arts of ziekenhuis aan.
Zwemmen als hersteltraining na een zware training
En als je niet geblesseerd bent, maar vooral zware of stramme benen hebt na een pittige training? Dan kan rustig zwemmen prettig zijn. Je blijft in beweging zonder opnieuw dezelfde klappen op je benen te krijgen. Verwacht alleen geen wonderen: actief herstel zorgt er niet ineens voor dat spierpijn verdwijnt of dat je lichaam twee keer zo snel herstelt. Zie het vooral als een rustige manier om te bewegen terwijl je lichaam bijkomt van de training.
Daar zit meteen een valkuil. Omdat zwemmen minder belastend kan voelen, is het verleidelijk om er alsnog een flinke workout van te maken. Een paar ontspannen banen passen prima op een rustige dag, maar vijftig minuten stevig borstcrawl is gewoon een extra training. Je lichaam heeft na een zware inspanning juist tijd nodig om te herstellen, dus gebruik het zwembad niet als excuus om er stiekem nóg een trainingsprikkel bovenop te gooien.
Zo gebruik je zwemmen slim tijdens je herstel
Wil je het zwembad inzetten terwijl je herstelt, houd het dan simpel:
- Kies een zwemslag die geen pijn uitlokt - Een knieblessure en schoolslag zijn bijvoorbeeld niet altijd een gelukkige combinatie.
- Begin rustig - Je hoeft verloren trainingen niet in het zwembad te compenseren.
- Let ook op hoe je lichaam later reageert - Wordt de pijn tijdens of na het zwemmen duidelijk erger, pas dan je training aan.
- Blijf werken aan je echte revalidatie - Zwemmen kan conditie onderhouden, maar vervangt oefeningen voor bijvoorbeeld kracht, stabiliteit en de geleidelijke terugkeer naar jouw eigen sport niet.
Zwemmen is tijdens een blessure dus vooral een handige extra mogelijkheid. Voor sporters die tijdelijk minder schokbelasting aankunnen, kan het precies de training zijn waarmee ze toch fit blijven. Maar het zwembad is geen blessurevrije zone en ook geen snelkoppeling naar herstel.
Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?











