Training

Paklijst wandelvakantie: dit wil je zeker meenemen

Praat mee!
Contributing Digital Editor

Getty Images

Getty Images

Goede schoenen? Check. Rugzak? Check. Maar wat heb je verder eigenlijk nodig op wandelvakantie? Wie een paar uur onderweg is, merkt al snel dat een extra laag, genoeg water of een volle telefoon toch best belangrijk kan zijn.

Met deze paklijst weet je wat handig is om mee te nemen, zonder dat je meteen je halve huis in je koffer hoeft te stoppen.

1. Goede wandelschoenen én sokken

Goede wandelschoenen zijn misschien wel het belangrijkste wat je meeneemt. Welke je nodig hebt, hangt vooral af van waar je gaat lopen. Voor vlakke, goed onderhouden paden heb je vaak genoeg aan lichte wandelschoenen of stevige trailschoenen. Ga je de bergen in of loop je veel over losse stenen, modder en steile paden, dan zijn extra grip en wat meer stevigheid fijner. Let vooral op de pasvorm. Je tenen moeten genoeg ruimte hebben, zeker tijdens afdalingen, en je hiel mag niet steeds omhoog schuiven. Loop nieuwe schoenen vooraf alvast in en trek ze dus liever niet voor het eerst aan op dag één van je wandelvakantie.

Vergeet ook goede wandelsokken niet. Die helpen vocht af te voeren en verminderen wrijving, waardoor de kans op blaren kleiner wordt. Neem bij langere wandelingen eventueel een extra paar (of twee) mee in je rugzak. Droge sokken kunnen halverwege de dag verrassend veel verschil maken.

2. Kleding die je makkelijk aan en uit trekt

Het weer kan onderweg behoorlijk veranderen, zeker als je hoger de bergen in gaat. Daarom is wandelen in laagjes handig. Denk aan een ademend shirt, een warme tussenlaag en een jas die wind en regen tegenhoudt. Wordt het warm, dan trek je makkelijk iets uit. Koelt het af of begint het te regenen, dan heb je snel weer een extra laag bij de hand. Een lichte regenbroek kan op natte dagen ook fijn zijn.

3. Een fijne dagrugzak

Voor een korte stadswandeling kom je misschien prima weg met een crossbodytas of schoudertas, maar tijdens een langere wandeltocht wordt dat al snel minder prettig. Het gewicht hangt aan één kant van je lichaam, de tas kan gaan schuiven en vooral bij klimmen of stevig doorlopen zit hij sneller in de weg. Een kleine dagrugzak verdeelt het gewicht beter over je schouders en is daarom meestal een stuk comfortabeler. Voor een gewone dagwandeling is ongeveer 15 tot 25 liter vaak genoeg voor water, eten, een extra laag kleding en wat losse spullen. Let vooral op of de rugzak goed aansluit en niet schuurt. Is hij niet waterdicht, neem dan een regenhoes mee of stop belangrijke spullen in een waterdichte zak.

4. Genoeg water en iets te eten

Een terrasje onderweg is mooi meegenomen, maar lang niet iedere wandelroute komt langs een dorp, café of berghut. Neem daarom altijd zelf water en wat eten mee. Hoeveel je nodig hebt, hangt af van hoe lang en zwaar je wandelt en hoe warm het is.

Voor een langere wandeling zijn bijvoorbeeld brood, fruit, noten of een reep handig om in je tas te stoppen. Zeker als een route langer duurt dan je dacht, kan zo’n extra snack ineens heel welkom zijn. Merk je dat je energie wegzakt terwijl je nog een flink stuk moet, dan is het fijn als je niet hoeft te hopen dat er ergens verderop nog een café opduikt. Een simpele reep of boterham kan dan precies genoeg zijn om het laatste stuk nog prettig uit te lopen.

5. Navigatie en een volle telefoon

Een wandelroute op je telefoon is handig, maar alleen zolang je batterij het doet. Download je route daarom vooraf, zodat je hem ook zonder bereik kunt gebruiken. Voor langere dagen is een powerbank geen overbodige luxe. Ga je de bergen in of wandel je in een afgelegen gebied, dan is het slim om niet alleen op je telefoon te vertrouwen. Een kaart, kompas of ander navigatiemiddel kan dan van pas komen. Ook een noodfluitje (en reddingsdeken) nemen weinig ruimte in.

6. Een kleine EHBO-set

Je hoeft geen enorme EHBO-koffer mee te slepen, maar een paar basics zijn handig. Denk aan pleisters, blarenpleisters, iets om kleine wondjes schoon te maken, paracentamol en medicijnen die je zelf gebruikt. Loop je veel door bos, hoog gras of struiken, stop dan ook een tekenpincet of tekenverwijderaar in je tas. Controleer jezelf na afloop op teken en haal een teek zo snel mogelijk weg.

7. Zonnebrand, zonnebril en pet

Ook als het niet bloedheet is, kun je tijdens een lange wandeldag flink wat uv-straling meepakken. Warmte en uv-straling zijn namelijk niet hetzelfde: ook op een frisse of bewolkte dag kan je huid verbranden. Smeer je daarom voor vertrek goed in en neem zonnebrand mee om onderweg opnieuw te smeren. Een pet of hoed helpt om je gezicht en hoofdhuid te beschermen en een zonnebril is prettig als je uren buiten loopt.

In de bergen is extra opletten slim. Hoe hoger je komt, hoe sterker de uv-straling wordt, omdat er minder atmosfeer boven je zit die een deel van die straling tegenhoudt. Bovendien kan sneeuw extra uv-straling weerkaatsen. Juist op een koele bergdag merk je daardoor soms pas te laat hoeveel zon je hebt gehad.

8. Pasjes, papieren en andere belangrijke dingen

Niet het leukste deel van je paklijst, maar wel belangrijk: identiteitsbewijs, bankpas, zorgpas, verzekeringsgegevens en reserveringen. Controleer voor vertrek ook of je de juiste reisdocumenten nodig hebt voor je bestemming. Voor sommige natuurgebieden, kabelbanen of populaire wandelroutes heb je vooraf een toegangsbewijs, reservering of tijdslot nodig. Download die tickets en bevestigingen alvast op je telefoon, zodat je er ook bij kunt als je onderweg weinig of geen bereik hebt. Bewaar belangrijke gegevens eventueel ook digitaal. Dan kun je er nog bij als je portemonnee of tas zoekraakt.

9. Reserveveters

Niet het eerste waar je aan denkt, maar wel een lifesaver als er onderweg een veter knapt. Reserveveters wegen bijna niets en nemen nauwelijks ruimte in. En ze zijn verrassend multifunctioneel: je kunt er tijdelijk iets aan je rugzak mee vastmaken, een loshangend bandje mee repareren, natte sokken of een shirt aan je tas hangen of in noodgevallen een geïmproviseerde lus maken om iets bij elkaar te houden. Zo’n simpel paar veters kan onderweg dus voor veel meer van pas komen dan alleen je schoenen.

10. Een stukje ducttape of sporttape

Hetzelfde geldt voor ducttape. Een loslatende zool, een scheurtje in je regenjas of iets aan je rugzak dat ineens niet meer meewerkt: met een klein stukje tape kun je onderweg verrassend veel tijdelijk oplossen. Je hoeft echt geen hele rol mee te nemen. Wikkel bijvoorbeeld een paar slagen om je wandelstok of drinkfles.

11. Een ziplockzakje of klein vuilniszakje

Zo’n simpel ziplockzakje of klein vuilniszakje komt tijdens een wandelvakantie verrassend vaak van pas. Je kunt er afval in bewaren als je onderweg geen prullenbak tegenkomt, maar ook natte sokken, een bezweet shirt of een half opgegeten snack in stoppen zonder dat de rest van je rugzak vies wordt.

Begint het ineens hard te regenen, dan is zo’n zakje ook handig voor spullen die echt droog moeten blijven, zoals je telefoon, papieren, kaart, paspoort of powerbank. En heb je onderweg iets wat lekt, bijvoorbeeld zonnebrand, fruit of een drinkfles die niet helemaal goed sluit, dan ben je al helemaal blij dat je er eentje bij je hebt. Neem er gerust een paar mee: ze wegen bijna niets en je vindt er onderweg altijd wel een bestemming voor.

12. Een hoofdlamp

Een hoofdlamp is ook handig als je helemaal niet van plan bent om in het donker te hiken. Een route kan langer duren dan verwacht, je kunt verkeerd lopen, onderweg meer pauzes nodig hebben of nét iets te lang bij een mooi uitzicht blijven hangen. Zeker in de bergen kan het bovendien sneller donker worden dan je denkt. Met een hoofdlamp houd je je handen vrij en kun je het laatste stuk een stuk veiliger uitlopen. Handiger dan met de zaklamp van je telefoon in je hand en je spaart meteen je batterij voor navigatie of noodgevallen.

13. Contant geld

In Nederland betaal je bijna alles met je telefoon of pinpas, maar tijdens een wandelvakantie lukt dat niet overal. Vooral kleinere berghutten en afgelegen horecaplekken kunnen beperkt bereik hebben of alleen contant geld aannemen. Stop daarom voor de zekerheid wat cash op een veilige plek in je rugzak.

14. Oordoppen voor een huttentocht

Overnacht je in berghutten, dan verdienen oordoppen absoluut een plekje in je tas. Je deelt er regelmatig een slaapruimte met andere wandelaars en na een dag lopen wil je vooral slapen, niet uren luisteren naar degene in het bed naast je. Neem bij een huttentocht ook vooraf even door wat de hut zelf verplicht stelt, zoals een lakenzak.

Je hoeft dus niet voor ieder mogelijk scenario iets in je rugzak te stoppen. Kijk vooral naar de route, de afstand en het weer. Hoe slimmer je kiest, hoe minder je hoeft mee te sjouwen en hoe fijner je loopt. Zin gekregen om je volgende wandelvakantie te plannen? Dit zijn de 6 beste landen in Europa voor een wandelvakantie in de herfst.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?