Evenementen

Marathon op je 16e of 17e? Dit is waarom organisaties vaak nee zeggen

Update: 28 mei 2026 om 09:12
Contributing Digital Editor

Getty Images

Getty Images

Een halve marathon lopen klinkt voor veel lopers als een mooi doel. Ook voor jongeren die fanatiek trainen, makkelijk een 5 of 10 kilometer wegtikken en zin hebben in een nieuwe uitdaging. Toch hanteren veel hardloopwedstrijden bij lange afstanden een minimumleeftijd. Waarom eigenlijk?

Wat maakt lange afstanden voor minderjarigen medisch gezien zo’n grijs gebied? We vragen het aan Tom Wiggers, sportarts bij het Anna Ziekenhuis.

Het is volgens Wiggers vooral belangrijk om onderscheid te maken tussen één individuele jongere en de groep als geheel. Over specifieke incidenten, zoals laatst in Leiden, kan en wil hij niet oordelen. 'Ik weet niet wat er in een individueel geval is gebeurd. Als er bijvoorbeeld sprake is van een aangeboren hartafwijking, had het misschien ook bij een 5 kilometer kunnen gebeuren. Dat kun je niet zomaar aan de afstand koppelen.' Toch vindt Wiggers het in algemene zin geen verstandig idee als minderjarigen al halve marathons of marathons gaan lopen. Niet omdat iedere jonge loper direct gevaar loopt, maar omdat de risico’s bij lange, repetitieve belasting groter zijn.

Het advies van de Atletiekunie voor hardloopevenementen

De Atletiekunie adviseert voor loopevenementen daarom maximale afstanden per leeftijdscategorie:

  • U9 (8 jaar) tot 1,5 km
  • U10 (9 jaar) tot 2,5 km
  • U12 (10, 11 jaar) tot 4 km
  • U14 (12, 13 jaar) tot 5 km
  • U16 (14, 15 jaar) tot 10 km
  • U18 (16, 17 jaar) tot 16,1 km (10 mijl)
  • U20 (18, 19 jaar) tot 42,2 km (halve en hele marathon)

Organisatoren gebruiken zulke richtlijnen vaak als basis voor hun minimumleeftijden. 'De richtlijn is voor deze groepen goed te verdedigen,' zegt Wiggers. 'Voor een individu zou je misschien kunnen bekijken of het wel of niet kan, maar in algemene zin is zo’n jong lichaam daar nog niet voor gemaakt.'

Je bent niet ineens 'ready' zodra je bent uitgegroeid

Een veelgehoorde gedachte is: als een tiener niet meer groeit, is het lichaam toch volwassen genoeg? Zo simpel ligt het niet. De lengtegroei kan al grotendeels voorbij zijn, terwijl het skelet nog volop in ontwikkeling is. Juist dat maakt deze leeftijd zo’n grijs gebied.

'Als de lengtegroei eruit is, betekent dat nog niet dat alle groeischijven gesloten zijn,' legt Wiggers uit. 'Daar kunnen vaak blessures door ontstaan. Dat zien we vooral bij veel repetitieve belasting.' En hardlopen is precies dat: duizenden keren dezelfde beweging, dezelfde landing, dezelfde belasting op botten, pezen, spieren en gewrichten.

Dat is niet automatisch slecht voor je lichaam, maar bij jonge sporters vraagt het om voorzichtigheid. Zeker wanneer de afstand snel langer wordt, de trainingen elkaar opstapelen of wedstrijdspanning ervoor zorgt dat pijntjes worden genegeerd. 'Hardlopen is een monotone beweging,' zegt Wiggers. 'Bij veel sport, maar zeker als het zo repetitief is, kunnen klachten ontstaan aan de groeischijven. Dat wordt ook wel vaak groeipijn genoemd, maar het kan zich uiten in pijn en blessures.'

Lange afstanden vragen trainingsjaren, niet alleen enthousiasme

Een fitte jongere is niet automatisch klaar voor een halve marathon. Dat klinkt misschien flauw, maar fitheid is niet hetzelfde als loopervaring. Een hockeyer, voetballer of fanatieke gymmer kan een uitstekende conditie hebben, maar het lichaam is dan nog niet per se gewend aan lange afstanden op de weg.

'Een fitte hockeyer die gaat hardlopen, heeft nog steeds een risico,' zegt Wiggers. 'Je hebt trainingsjaren nodig om je lichaam te leren kennen. Om te weten hoe je reageert op training, op vermoeidheid en op omstandigheden zoals warmte.' Wie langer loopt, moet onderweg voortdurend signalen kunnen inschatten. Is dit normale vermoeidheid? Hoort deze pijn erbij? Is dit afzien of is dit een waarschuwing van mijn lichaam?

Volwassen lopers vinden dat soms al lastig. Voor jongeren is dat vaak nog moeilijker. 'Jongeren kennen hun eigen lichaam nog minder goed,' zegt Wiggers. 'Daardoor kennen ze ook hun grenzen minder goed. Je moet leren herkennen: is dit een normaal gevoel dat hoort bij sport, of is dit abnormaal? Dat heeft echt jaren nodig om te ontwikkelen.'

Waarom de grens van 18 jaar?

Achttien is natuurlijk geen magische grens waarop je lichaam van de ene op de andere dag volledig belastbaar is. De ene jongere is verder in de ontwikkeling dan de ander. Meisjes zijn gemiddeld eerder uitgegroeid dan jongens, maar ook daarbinnen zijn de verschillen groot. Toch hebben evenementen regels nodig die voor een grote groep werken.

Een organisatie kan niet van iedere deelnemer beoordelen hoe de groei, belastbaarheid, trainingsachtergrond, blessuregeschiedenis en medische situatie eruitzien. Daarom wordt vaak gekozen voor heldere leeftijdsgrenzen. Die grens draait dus niet alleen om groei, maar ook om ervaring. Toch moet je ook bij 18 jaar goed oppassen. 'Jongeren hebben over het algemeen nog niet de trainingsjaren en trainingsuren in de benen om zo’n afstand goed aan te kunnen,' zegt Wiggers. 'Zeker niet in wedstrijdverband.'

Wanneer moet je extra opletten?

Bij jonge lopers zijn pijntjes niet iets om stoer doorheen te lopen. Zeker terugkerende pijn in knie, scheenbeen, voet, heup of hiel verdient aandacht. Ook vermoeidheid die niet wegtrekt, vaker blessures krijgen, duizeligheid, flauwvallen, pijn op de borst of benauwdheid zijn signalen om niet te negeren. Bij twijfel is het verstandig om een huisarts, sportarts of fysiotherapeut mee te laten kijken. Voor ouders en trainers geldt: kijk niet alleen naar enthousiasme of talent. Een jongere kan mentaal heel graag willen, maar lichamelijk nog niet klaar zijn voor lange afstanden. Juist omdat hardlopen zo toegankelijk lijkt, wordt de belasting soms onderschat.

Kies niet voor langer, maar gevarieerder

Nog een reden om jonge lopers niet te vroeg richting lange afstanden te duwen: botopbouw. Volgens Wiggers bereik je je hoogste botmassa rond je 25e. Tot die tijd is gevarieerde belasting belangrijk. Denk aan sprinten, draaien, keren, springen, afremmen en versnellen. Dat is (vooral ook later) gunstig voor botten, motoriek en techniek. 'Hardlopen kan te eenzijdig zijn en dat geeft meer kans op problemen met de botten, in het ergste geval een stressfractuur.”

Dat betekent niet dat jongeren niet mogen hardlopen. Juist wel, maar als je jong bent is het juist slim om jezelf breder te ontwikkelen door te focussen op techniek, coördinatie, snelheid, kracht en lichaamsgevoel. Daar heb je later als loper veel aan. Langer is niet automatisch beter. Een 5 of 10 kilometer sneller leren lopen is óók een serieus doel. ;Je kunt denken: ik loop 50 minuten op een 10 kilometer, waarom moet ik daar dan een halve marathon van maken?' zegt hij. 'Je kunt ook trainen om daar 45 minuten van te maken. Dat is net zo goed een doel.' Juist daarin zit voor jonge lopers vaak genoeg uitdaging, zonder dat je meteen de langste afstanden hoeft op te zoeken.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?