Ultimate Championship

Twee keer derde en een estafettepodium: zo verliep de eerste Ultimate Championship voor Nederland

Update: 14 september 2026 om 09:03
Praat mee!
Redacteur
Bram is hardloper en triatleet. Hij schrijft veel over nieuws en spullen.

© Getty Images

Nederland pakt drie podiumplekken bij Ultimate Championship

Drie avonden, 28 finales en 10 miljoen dollar aan prijzengeld. De eerste World Athletics Ultimate Championship moest de finale der finales worden. Nederland keert terug uit Boedapest met drie derde plaatsen, een vierde plek voor Lieke Klaver en een sterke race van Maureen Koster. Dit gebeurde er tijdens het nieuwe atletiektoernooi.

Een medaille kregen ze niet, want World Athletics koos bij de eerste Ultimate Championship voor trofeeën en prijzengeld in plaats van het gebruikelijke eremetaal. Toch stond Nederland na drie avonden atletiek drie keer op een denkbeeldig podium. Nadine Visser en Femke Broeders-Bol werden individueel derde en de gemengde 4 x 400 meter sloot het toernooi af met opnieuw een derde plaats.

Dat leverde geen Nederlandse Ultimate Champion op, maar wel een mooie afsluiting van het internationale baanseizoen. Zeker omdat de Nederlandse ploeg klein was. Vijf atleten kwamen individueel in actie, aangevuld met teams op de twee gemengde estafettes. Met twee individuele derde plaatsen, een derde plaats op de estafette, een vierde plaats en een achtste plek tussen de beste afstandsloopsters ter wereld deed Nederland behoorlijk mee.

Nadine Visser eindigt sterk seizoen opnieuw als derde

Het eerste Nederlandse succes kwam al op vrijdagavond. Nadine Visser bereikte de finale van de 100 meter horden en liep daarin naar de derde plaats in 12,39 seconden. Alleen wereldrecordhoudster Masai Russell (12,22) en Tobi Amusan (12,34) waren sneller.

Voor Visser was het opnieuw een hoofdprijs in een seizoen waarin ze eindelijk Europees kampioene werd. In Birmingham won ze na een zinderende fotofinish haar eerste Europese outdoortitel. Een maand later stond ze in Boedapest alweer tussen de beste hordeloopsters ter wereld. Ditmaal hoefde ze niet lang naar het scorebord te turen: haar derde plaats was duidelijk.

Opvallend genoeg maakte die derde plek naar eigen zeggen meer emoties los dan haar Europese titel. Na afloop vertelde ze voor de camera van Runner's World dat ze vooral blij was dat ze haar lange seizoen zo sterk kon afsluiten. Tussen de absolute wereldtop bewees ze nog één keer dat haar Europese titel geen losstaand hoogtepunt was.

Jonas Phijffers mist zijn gebruikelijke eindsprint

Ook Jonas Phijffers liep vrijdag de halve finale van de 400 meter. Na zijn sensationele Nederlandse record van 44,41 en EK-brons in Birmingham behoorde hij in Boedapest ineens zelf tot de namen om rekening mee te houden. Een finaleplaats zat er deze keer niet in. Phijffers werd zesde in zijn halve finale in 45,21 seconden.

Vooral in de laatste honderd meter miste hij de versnelling waarmee hij dit seizoen zo vaak het verschil maakte. Toch overheerste na afloop de tevredenheid. ‘Ik heb alles bereikt wat ik wilde’, concludeerde hij over een jaar waarin hij zijn internationale doorbraak beleefde. Zijn toernooi was bovendien nog niet voorbij: op zondag wachtte de 4 x 400 meter mixed.

Achtste plaats voor de 4 x 100 meter mixed

De eerste finale van het hele kampioenschap was meteen een nieuw onderdeel: de gemengde 4 x 100 meter. Daarbij lopen per land twee mannen en twee vrouwen, steeds om en om. Nederland verscheen met Elvis Afrifa, Britt de Blaauw, Xavi Mo-Ajok Mota en Fenna Achterberg aan de start.

Het kwartet werd achtste in 41,31 seconden. De Verenigde Staten wonnen in 39,64, slechts twee honderdsten boven het wereldrecord van Jamaica. Jamaica werd tweede in 39,72 en Groot-Brittannië derde in 40,26. Voor Nederland kwam de race niet in de buurt van de 40,20 waarmee het team zich eerder dit jaar bij de World Relays plaatste.

Lieke Klaver wordt vierde, maar krijgt wel haar gelijk

Lieke Klaver plaatste zich vrijdag overtuigend voor de finale van de 400 meter. Ze werd tweede in haar halve finale in 49,76 seconden en dook daarmee opnieuw ruim onder de 50 seconden. Belangrijker was het gevoel tijdens haar race. Een week eerder vertelde ze in Brussel nog dat ze in de slotfase de aansluiting tussen haar passen miste. In Boedapest voelde die weer zoals ze wilde.

In de finale wilde Klaver die race herhalen, maar dan met meer snelheid in de eerste 300 meter. Ze liep vanuit baan vijf lange tijd vooraan, maar werd in de slotfase voorbijgelopen door Marileidy Paulino, Henriette Jæger en Nickisha Pryce. Paulino won in 49,07. Klaver kwam als vierde over de streep in 49,91 en bleef 0,35 seconde verwijderd van de derde plaats.

Het gehoopte persoonlijk record van 49,58 kwam er niet, maar Klaver keek vooral naar het grotere plaatje. Ze liep dit outdoorseizoen zeven keer onder de 50 seconden. Dat was een stevig antwoord op de twijfels die na een moeizaam indoorseizoen ontstonden over haar nieuwe manier van trainen. ‘Ik heb mijn gelijk gekregen’, zei ze met een grijns. Alle ongevraagde adviezen kon ze wel waarderen. Alleen haar ouders had ze vooraf gerustgesteld: ‘Maak je geen zorgen, ik weet wat ik doe.’

Klaver vertelde bovendien dat ze haar psycholoog minder nodig had, beter had leren communiceren en vertrouwen had in de ruimte om verder te bouwen. Haar vierde plaats was niet het internationale podium waarop ze had gehoopt, maar wel het slot van misschien wel haar meest constante 400-meterseizoen tot nu toe.

Femke Broeders-Bol bevestigt haar plek in de wereldtop

De grootste Nederlandse verrassing van het jaar leverde in Boedapest opnieuw. Femke Broeders-Bol begon pas dit seizoen serieus aan de 800 meter, maar startte bij de Ultimate Championship al als een van de favorieten voor een plek bij de eerste drie. In haar halve finale spaarde ze zo veel mogelijk energie. Met 1.59,19 en de zevende tijd van alle deelneemsters bereikte ze zonder problemen de finale. ‘Dit was het plan’, vertelde ze na afloop. De opdracht was niet om indruk te maken, maar om bij de eerste vier te eindigen en zo weinig mogelijk te verspillen.

Een dag later ontstond opnieuw dezelfde driestrijd die het 800-meterseizoen had bepaald. Audrey Werro nam de leiding, Broeders-Bol volgde in haar rug en olympisch kampioene Keely Hodgkinson wachtte op haar eindsprint. Werro won in 1.55,88, Hodgkinson werd tweede in 1.56,26 en Broeders-Bol derde in 1.56,74. Precies dezelfde volgorde als een maand eerder bij de EK in Birmingham.

Voor Broeders-Bol betekende die derde plaats vooral een bevestiging van haar razendsnelle ontwikkeling. Aan het begin van het seizoen hoopte ze ooit 1.57 te lopen, zich voor Boedapest te plaatsen en misschien de finale te halen. Uiteindelijk scherpte ze het Nederlands record aan tot 1.54,71, de negende tijd ooit, en sloot ze haar eerste 800-meterjaar af tussen Werro en Hodgkinson.

‘Dat ik nu 1.54 sta, is echt ongelofelijk’, zei ze. Zelf noemde ze haar eerste seizoen op de nieuwe afstand een grote ontdekkingsreis. De overstap bracht haar nieuwe wedstrijdsituaties, veel progressie en vooral ook het plezier van wedstrijden zonder de druk die jarenlang op haar 400 meter horden rustte.

Maureen Koster kiest de aanval

Maureen Koster was op zondag de laatste Nederlandse individuele deelnemer. De 34-jarige kwam op de 5000 meter in een bijzonder sterk veld terecht. Zes van de twaalf startende vrouwen kwamen uit Ethiopië en zes Ethiopische deelneemsters behoorden dit seizoen tot de zeven snelste vrouwen ter wereld.

Koster weigerde zich te verstoppen. Net als een week eerder tijdens de Diamond League-finale in Brussel nam ze de kop. Daar had ze nog gebaald toen een aangekondigde snelle race veranderde in een tactische wedstrijd en zij ruim tien ronden het tempo moest bepalen. In dit geval wist ze dat het een tactische race zou worden, blikte ze in Brussel al vooruit. Vandaar dat de Nederlandse ook niet bang was om zelf het initiatief te nemen.

In Boedapest wilde Koster voorkomen dat het opnieuw een boemelrace zou worden. Ze leidde de eerste 2400 meter, waarna de Ethiopische vrouwen het tempo verder opvoerden. Likina Amebaw won uiteindelijk in 14.30,36. Koster werd achtste in 14.38,78, haar tweede tijd onder de 14.40 binnen één week.

‘Ik zag even de dood in de ogen’, grapte ze na de finish. ‘Ik had het écht zwaar.’ Toch paste de achtste plaats uitstekend bij haar seizoen. Ze liep de snelste Europese tijd van het jaar op zowel de 5000 als de 10.000 meter, won EK-zilver op de 10.000 meter en sloot af als een van de twaalf geselecteerde 5000-meterloopsters in Boedapest.

Twee jaar geleden dacht de 34-jarige Koster na de Olympische Spelen nog dat Los Angeles 2028 buiten haar carrière zou vallen. Inmiddels is ze sneller dan ooit en wil ze niets uitsluiten: ‘Zoals het er nu voorstaat, zou ik niet weten waarom ik zou moeten stoppen.’

Derde plaats als slotakkoord op de 4 x 400 meter mixed

De Nederlandse 4 x 400 meter mixed zorgde voor het laatste Nederlandse hoogtepunt. Jonas Phijffers, Lieke Klaver, Keenan Blake en Myrte van der Schoot liepen in 3.09,57 naar de derde plaats. Alleen de Verenigde Staten (3.08,32) en Groot-Brittannië (3.09,40) waren sneller.

De tijd was 1,2 seconde sneller dan die van het Nederlandse team dat bij de EK in Birmingham brons pakte. De samenstelling was daar deels anders, maar het resultaat onderstreepte opnieuw de breedte van de Nederlandse 400-meterploeg. Ook zonder de inmiddels naar de 800 meter overgestapte Broeders-Bol doet Nederland mee om de hoogste plaatsen.

Was de eerste Ultimate Championship geslaagd?

World Athletics bedacht de Ultimate Championship als compact, tweejaarlijks slotstuk van het internationale seizoen. Geen negen dagen atletiek zoals bij een WK, maar drie avondsessies van ongeveer drie uur. Kleine deelnemersvelden, nauwelijks voorrondes en bijna voortdurend finales. Daarbij lag in totaal 10 miljoen dollar aan prijzengeld klaar. Een individuele winnaar verdiende 150.000 dollar; zelfs de laatste atleet op ieder onderdeel ging met prijzengeld naar huis.

Sportief leverde het format een paar grote prestaties op. Melissa Jefferson-Wooden liep 21,47 op de 200 meter, de derde tijd ooit, en won zowel de 100 als de 200 meter. Kenny Bednarek pakte dezelfde sprintdubbel bij de mannen. Alison dos Santos won de 400 meter horden in 45,98 en Djamel Sedjati liep 1.41,91 op de 800 meter. Rumesh Pathirage wierp de speer naar 91,09 meter en Gianmarco Tamberi sprong over 2,37 meter.

Het compacte programma had ook een duidelijke keerzijde. Onder meer het kogelstoten, discuswerpen, de 10.000 meter, 3000 meter steeplechase en meerkamp ontbraken. Daardoor konden twee van de beste Nederlandse atleten niet eens meedoen. Wereldkampioene Jessica Schilder vatte haar kritiek voor Runner's World samen met: ‘Doe alles of doe niks.’ Europees kampioene discuswerpen Jorinde van Klinken zei dat het voelde alsof de atleten op de ontbrekende onderdelen werden beroofd.

World Athletics verdedigde die keuze door te wijzen op het beperkte format. Niet ieder onderdeel zou in drie korte avondsessies passen. Het toernooi was nadrukkelijk gemaakt voor televisie en moest fungeren als proeftuin voor nieuwe manieren om atletiek te presenteren. Dat lukte: de wedstrijd volgde elkaar in hoog tempo op en de beste atleten stonden vrijwel direct tegenover elkaar. De naam ‘Ultimate’ blijft alleen wringen zolang complete disciplines en hun wereldkampioenen thuis moeten kijken.

Alle Ultimate Champions van 2026

Dit zijn de eerste 28 kampioenen uit de geschiedenis van de World Athletics Ultimate Championship:

Vrouwen

  • 100 meter: Melissa Jefferson-Wooden (Verenigde Staten)
  • 200 meter: Melissa Jefferson-Wooden (Verenigde Staten)
  • 400 meter: Marileidy Paulino (Dominicaanse Republiek)
  • 800 meter: Audrey Werro (Zwitserland)
  • 1500 meter: Klaudia Kazimierska (Polen)
  • 5000 meter: Likina Amebaw (Ethiopië)
  • 100 meter horden: Masai Russell (Verenigde Staten)
  • 400 meter horden: Jasmine Jones (Verenigde Staten)
  • Hoogspringen: Yaroslava Mahuchikh (Oekraïne)
  • Polsstokhoogspringen: Sandi Morris (Verenigde Staten)
  • Verspringen: Larissa Iapichino (Italië)
  • Hink-stap-springen: Sally Sarr (Senegal)
  • Speerwerpen: Haruka Kitaguchi (Japan)

Mannen

  • 100 meter: Kenny Bednarek (Verenigde Staten)
  • 200 meter: Kenny Bednarek (Verenigde Staten)
  • 400 meter: Collen Kebinatshipi (Botswana)
  • 800 meter: Djamel Sedjati (Algerije)
  • 1500 meter: Josh Kerr (Groot-Brittannië)
  • 5000 meter: Jakob Ingebrigtsen (Noorwegen)
  • 110 meter horden: Ja’Kobe Tharp (Verenigde Staten)
  • 400 meter horden: Alison dos Santos (Brazilië)
  • Hoogspringen: Gianmarco Tamberi (Italië)
  • Polsstokhoogspringen: Mondo Duplantis (Zweden)
  • Verspringen: Miltiadis Tentoglou (Griekenland)
  • Kogelslingeren: Merlin Hummel (Duitsland)
  • Speerwerpen: Rumesh Pathirage (Sri Lanka)

Gemengde estafettes

  • 4 x 100 meter mixed: Verenigde Staten
  • 4 x 400 meter mixed: Verenigde Staten

Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?