Oud-tophockeyster Kim Lammers is een finisher: 'Streep eronder, strik erom'
Dirk-Jan van Dijk

Kim Lammers (45) speelde maar liefst 200 interlands voor de Nederlandse hockeyvrouwen, scoorde daarin 124 goals én won olympisch goud in 2012. Tijdens het hardlopen kiest ze er bewust voor om lief te zijn voor haar lijf.
Haar hockeycarrière mag er dan misschien opzitten, van een pensioen is absoluut geen sprake. Kim Lammers is tegenwoordig onder meer presentator en analist bij Ziggo Sport en mede-eigenaar van CIRCULR., een bedrijf dat de sportwereld duurzamer wil maken met gerecyclede producten. Daarnaast schrijft ze columns voor het Noordhollands Dagblad en is ze inzetbaar als dagvoorzitter. Kim woont samen met haar vrouw Sanne in Amsterdam.
‘Ik ben een ochtendsporter’, vertelt ze. ‘Gewoon uit bed, huppakee, en zo snel mogelijk gaan. Liefst vroeg. We hebben een huisje bij Egmond aan Zee en het is fantastisch om over het strand en door de duinen te lopen als er nog bijna niemand is. ’s Avonds kan ik mezelf veel moeilijker in beweging krijgen, dan maakt mijn lichaam zich al klaar voor de nacht.’
Hardlopen waar en wanneer je maar wil
Lammers begon op haar zevende met hockeyen en het duurde niet lang of ze speelde al op hoog niveau. ‘Ik trainde vier à vijf keer per week, met loopscholing en conditietraining erbij. In 2014 stopte ik bij het Nederlands team, in 2016 met hockeyen. Ik was bang voor het zwarte gat waar iedereen het over heeft. Daarom had ik vooraf al nagedacht over wat ik daarna wilde. Dat werd ondernemen, en natuurlijk blijven bewegen. Dat zit er als topsporter gewoon in. Hardlopen deed ik als hockeyer al, en het past perfect bij deze nieuwe fase: je kunt het doen waar en wanneer je maar wilt. Dat heb ik er dus in gehouden.’
Voor een oud-prof is het ondenkbaar om het rustig aan te doen, ook al zou dat soms beter zijn voor haar lichaam. ‘Ik hou van kort en krachtig stukgaan. Veel lopers hebben een hekel aan intervallen, maar ik geniet daar juist van. Op vakantie loop ik soms wat langer, maar nooit meer dan zeven of acht kilometer, meer wil ik mijn lijf niet aandoen. Met hockey heb ik behoorlijk roofbouw gepleegd. Mijn knieën en heupen zijn versleten. De eerste kilometers zijn daarom altijd wat stroef, maar als ik eenmaal warm ben, loop ik daar meestal doorheen. Na een kilometer of twee kom ik lekker in mijn ritme en ebben de meeste pijntjes weg. Aan het einde wordt het weer meer zwoegen.’
Kiezen tussen Naomi van As en Whitney Houston
Lammers is van het credo schoenen aan en gaan. ‘Ik ben allesbehalve een fashionable hardloper. Ik draag gewoon wat ik nog heb liggen uit mijn hockeytijd: een bij elkaar geraapt zooitje, haha. In de zomer een kort broekje, in de winter een legging. Ik heb een hekel aan polyester, dus draag altijd een katoenen shirt. Meestal een oud Adidas-ding dat inmiddels wel aan vervanging toe is. Ik liep jarenlang op Asics, dat was in mijn hockeytijd mijn sponsor. Tot ik hielspoor kreeg. Mijn podotherapeut zag dat mijn voet tijdens het lopen iets naar binnen zakt en adviseerde de Adidas Supernova: veel steun, goede demping en geschikt voor zowel intervallen als rustige duurloopjes.’
Je kan haar op een rondje tegenkomen in haar uppie of met vriendinnen. ‘Ik vind allebei leuk. Soms loop ik met een vriendin, af en toe met Naomi van As, maar meestal ga ik lekker alleen, met muziek op. Je lacht je dood, maar ik kan op ballads van Whitney Houston lekker hardlopen. Meer uptempo gaat ook goed, hoor. Mijn playlist is een mooie mix.’
Bikkelen in de stromende regen
Op haar telefoon kom je waarschijnlijk geen Buienradar of andersoortige weer-app tegen. ‘Regen, storm, het maakt me niets uit. Vanuit mijn hockeyverleden ben ik gewend dat trainingen altijd doorgaan. Ik sport graag buiten, elk jaargetijde heeft zijn eigen charme. Koud en zonnig is heerlijk, maar soms voelt het ook juist fijn om te bikkelen in de stromende regen.’ Dat gezegd hebbende, is Lammers wel altijd blij als een training erop zit: ‘Ik ben een finisher. Doel bereikt, streep eronder, strik erom.’
Andere apps dan? ‘Ik geloof zeker in sporthorloges en apps als Strava, ze helpen mensen om naar een doel toe te werken. Maar ik heb dat niet nodig, want ik doe eerder te veel dan te weinig. Op de racefiets heb ik ook niets bij me, behalve mijn telefoon met Google Maps. Fiets ik met anderen die wél een Garmin hebben, kan ik het niet laten om af en toe te vragen hoe hard we gaan en hoeveel kilometer we al hebben gefietst. Maar voor mezelf moet ik er gewoon niet aan beginnen. Op de loopband in de gym zet ik het scherm meteen op calorieën in plaats van snelheid. Dat is voor mij minder triggerend.’
Dit artikel is een ingekorte versie van het volledige interview dat Fleur Baxmeier had met Kim Lammers. Het verscheen in Runner’s World magazine. Wil je meer verhalen van bekende en inspirerende lopers? Neem dan een abonnement.
Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?











