Training

Krachttraining voor hardlopers: hoeveel is nog gezond?

Getty Images

Getty Images

Krachttraining is fantastisch voor lopers. Het maakt je efficiënter, veerkrachtiger en minder blessuregevoelig. Maar er is wel een grens. Te vaak of te zwaar tillen kan juist tegen je werken en je loopprestaties onderuit halen. Merk je dat je moeilijk herstelt van je gewone trainingen en er ondertussen óók veel krachtwerk bij doet, dan zit de balans scheef. Je wordt misschien sterker in de gym, maar in je runs voelt het minder soepel.

Het lastige daaraan? De signalen zijn vaak subtiel. Het gebeurt vaak dat lopers nét over de grens gaan zonder dat ze het doorhebben. Waar moet je op letten?

De signalen dat je te veel krachttraining doet

Je lijf fluistert het vaak eerder dan jij het doorhebt. Een verhoogde rusthartslag, aanhoudende stijfheid in je spieren of een gevoel van mentale mist zijn subtiele hints dat je lichaam moeite heeft met herstellen. Voelt een trainingsweek zwaarder dan normaal, heb je minder focus tijdens je runs of merk je dat je herstel na een eenvoudige krachttraining opvallend lang duurt? Dan is de kans groot dat je krachtload net over je grens gaat. Juist die kleine veranderingen zijn waardevol om op te letten, omdat ze vaak verschijnen voordat echte vermoeidheid of blessures zich melden.

De klassieke fouten waardoor je te ver gaat

1. Te dicht op je kwaliteitstrainingen tillen

Timing is goud. Je zware krachtdag vlak voor een lange duurloop of tempotraining proppen is vragen om gedoe. Houd minimaal een dag tussen je zwaarste lifts en je belangrijkste runs, zodat je fris aan de start verschijnt.

2. Te zwaar, te hard, te weinig pauze

Het gebeurt verrassend vaak, zeker bij lopers die al een tijdje trainen in de gym. Ze jagen op hetzelfde euforische gevoel als na een run, maar dat werkt bij kracht anders. Om sterker te worden moet je juist rust inbouwen en de intensiteit doseren. In de basisfase volstaat 60 tot 90 seconden rust. Til je echt zwaar? Ga dan richting twee tot drie minuten.

3. Nieuwe oefeningen proberen in piekweken

In de weken voor een race is consistentie je beste vriend. Nooit nieuwe moves uitproberen vlak voor raceday. Je lichaam reageert dan vaak met flinke spierpijn die je kwaliteitstrainingen beïnvloedt. Nieuwe oefeningen zijn prima, maar bewaar ze voor je basisseizoen.

4. Te vaak naar de gym gaan in je raceperiode

Net zoals je loopkilometers door het jaar heen op en neer gaan, hoort je krachttraining mee te bewegen met je trainingsfases. In je basisseizoen of tijdens een periode zonder wedstrijden mag krachttraining echt een hoofdrol spelen. Twee tot drie sessies per week zijn dan ideaal om sterker te worden, spieren op te bouwen en je lichaam te wapenen tegen blessures.

Maar zodra je richting een race werkt en je loopvolume stijgt, heeft je lichaam meer herstel nodig. Dan schuif je de focus van opbouwen naar onderhouden. Eén of twee korte, gerichte krachtdagen per week zijn dan genoeg om je kracht vast te houden zonder je spieren onnodig te vermoeien of je belangrijke looptrainingen te verstoren. Door die verschuiving in intensiteit zorg je dat krachttraining bijdraagt aan je prestaties in plaats van er energie van weg te halen.

Zo plan je je trainingen slim

De ideale combinatie? Kracht op dagen dat je niet loopt. Lukt dat niet, plan je kracht pas enkele uren na je intensieve looptraining. Of combineer het met een easy run, zolang je maar hersteltijd tussen de twee blokken houdt.

Goede voeding helpt je lichaam bovendien om sneller op te laden. Denk aan een combinatie van koolhydraten en eiwitten na beide trainingen. En hou je herstel in de gaten: notities in je trainingsapp of journal helpen je patronen te herkennen.

Extra tips om de balans te bewaren

  • Kies oefeningen die écht helpen - Omdat hardlopen een eenbenige beweging is, zijn unilaterale oefeningen (krachttrainingsoefeningen waarbij één arm of been tegelijk wordt getraind) top: lunges, step-ups, single-leg deadlifts, single-leg bruggetjes. Je stabiliteit en kracht gaan er meteen van vooruit.
  • Herstel is geen luxe - Meer trainen betekent meer eten, vooral koolhydraten. En slapen. Veel slapen.
  • Niet te veel nadenken - Lopers analyseren graag alles. Maar krachttraining hoeft echt niet perfect geprogrammeerd te zijn. Regelmaat is belangrijker dan precies hoeveel kilo je tilt. Gewoon doen en blijven doen.

Dit artikel is een syndication van Runner's World US.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?

Hoeveel krachttraining is te veel?