Training

Hardlopen of krachttraining: wat is beter voor vetverlies?

Contributing Digital Editor

Getty Images

Getty Images

Wil je vet verliezen, dan lijkt hardlopen vaak de logische keuze. Je trekt je schoenen aan, gaat naar buiten en ziet op je sporthorloge meteen calorieën verschijnen. Krachttraining zorgt daarentegen juist voor meer spieren en dus val je vaak niet zomaar kilo's af. Toch betekent dat niet dat hardlopen automatisch beter is voor vetverlies.

We leggen uit hoe dat precies zit.

Hoe verlies je vet?

Vetverlies ontstaat wanneer je over langere tijd meer energie verbruikt dan je binnenkrijgt. Om vet te verliezen gaat het dus vooral om wat je week na week volhoudt, hoeveel energie je in totaal verbruikt, hoe je eet en hoeveel spiermassa je onderweg weet te behouden. Sport kan daar zeker bij helpen, maar het is zelden de enige knop waar je aan hoeft te draaien. Voeding, portiegrootte, slaap, stress, alcohol, dagelijkse beweging en training spelen allemaal mee.

Wie drie keer per week sport, maar de rest van de week nauwelijks beweegt of structureel meer eet dan nodig is, zal minder snel verschil merken dan gehoopt. Dat maakt sporten niet onbelangrijk, integendeel. Beweging helpt je energieverbruik te verhogen, ondersteunt je gezondheid en speelt een grote rol bij het vasthouden van gewichtsverlies. Alleen is de eerlijkste boodschap: hardlopen of krachttraining werkt het beste als de rest van je leefstijl niet volledig de andere kant op trekt.

Vet verliezen door te hardlopen

Hardlopen heeft één duidelijk voordeel: je verbrandt relatief veel energie per minuut, zeker als je wat langer of intensiever loopt. Uit een grote analyse blijkt dat aerobe training, zoals hardlopen, stevig wandelen of fietsen, samenhangt met afname van lichaamsgewicht, middelomtrek en lichaamsvet. Daarbij waren de effecten groter naarmate mensen meer minuten per week bewogen. Dat maakt hardlopen een efficiënte keuze als je vetverlies wilt ondersteunen en je lichaam het goed verdraagt. Je hebt weinig materiaal nodig, kunt makkelijk opbouwen en krijgt er conditiewinst bij cadeau. Ook voor je hart, bloedvaten en mentale gezondheid is regelmatig aeroob bewegen een sterke zet.

Richtlijnen adviseren volwassenen daarom minstens 150 tot 300 minuten matig intensieve beweging per week, of 75 tot 150 minuten intensiever bewegen, plus spierversterkende activiteiten.

Maar van hardlopen alleen word je niet automatisch slanker

De valkuil van hardlopen zit niet in het lopen zelf, maar in wat eromheen gebeurt. Na een training kun je meer trek krijgen, je calorieverbruik overschatten of de rest van de dag ongemerkt minder bewegen omdat je benen zwaar zijn. Dat rondje van dertig minuten is absoluut goed voor je, maar het wist niet automatisch alle keuzes daarna uit. Voor vetverlies werkt hardlopen dus het best als onderdeel van een groter plaatje: slim trainen, normaal blijven eten, genoeg herstellen en niet elke training behandelen alsof je jezelf moet bewijzen.

Daar komt bij dat hardlopen best belastend kan zijn, zeker als je te snel te veel doet. Knieën, schenen, heupen, voeten en pezen krijgen bij elke landing impact te verwerken. Dat betekent niet dat je hardlopen moet vermijden, maar wel dat rustig opbouwen belangrijker is dan meteen intervallen knallen of vijf keer per week gaan rennen. Stevig wandelen, rustig joggen, fietsen of een mix daarvan kan net zo goed bijdragen aan vetverlies, zolang je het vaak genoeg doet en je lichaam het kan bijbenen.

Vet verliezen met krachttraining

Krachttraining verbrandt tijdens de training meestal minder calorieën dan een stevige hardloopsessie, maar dat betekent niet dat het minder waardevol is. Het grote pluspunt zit in spierbehoud. Als je afvalt, verlies je niet alleen vet, maar vaak ook wat vetvrije massa. Krachttraining helpt om je spieren sterker te houden en kan tijdens gewichtsverlies bijdragen aan een betere lichaamssamenstelling.

Uit onderzoek blijkt dat weerstandstraining bij gezonde volwassenen kan zorgen voor een lager vetpercentage, minder vetmassa en minder visceraal vet, het vet rond de organen. Het effect is misschien minder spectaculair dan sommige fitnessclaims doen geloven, maar het is wél relevant: krachttraining verandert niet alleen wat je weegt, maar ook waar je gewicht uit bestaat.

Waarom krachttraining soms 'beter' blijkt dan de weegschaal laat zien

Bij krachttraining kan het gebeuren dat je vet verliest, maar de weegschaal minder snel daalt omdat je spiermassa behoudt of opbouwt. Dat kan frustrerend zijn als je alleen naar kilo’s kijkt, terwijl je kleding losser zit, je middelomtrek afneemt en je lichaam strakker of sterker aanvoelt. Voor vetverlies is de weegschaal dus handig, maar niet heilig. Middelomtrek, progressiefoto’s, krachttoename en hoe je kleding zit, vertellen vaak meer.

Spieren gebruiken in rust iets meer energie dan vetweefsel, maar verwacht daar geen wonderen van. Twee keer squatten zorgt dus niet ineens voor een turboverbranding. Wat krachttraining wél doet: het helpt je spieren sterk te houden terwijl je afvalt. Daardoor blijft je lichaam steviger, belastbaarder en makkelijker in beweging. En juist dat helpt op de lange termijn, want vetverlies volhouden lukt beter met een lichaam dat niet alleen lichter, maar ook sterker wordt.

Dus wat is beter voor vetverlies: hardlopen of krachttraining?

Als je puur kijkt naar calorieverbruik tijdens de training, wint hardlopen vaak. Als je kijkt naar spierbehoud, lichaamsvorm, kracht en langetermijnresultaat, heeft krachttraining een enorme meerwaarde. De beste keuze voor vetverlies is daarom meestal niet hardlopen óf krachttraining, maar hardlopen én krachttraining, aangevuld met genoeg dagelijkse beweging en een voedingspatroon dat een mild energietekort mogelijk maakt.

Ben je beginner, dan hoef je dit niet ingewikkeld te maken. Twee tot drie keer per week rustig hardlopen, joggen of stevig wandelen en twee keer per week krachttraining is voor veel mensen al een sterke basis. Denk bij krachttraining aan squats, lunges, hip thrusts, rows, push-ups, deadlifts, presses en core-oefeningen.

Hoe combineer je hardlopen en krachttraining slim?

Een praktische week kan er zo uitzien:

  1. Twee rustige looptrainingen
  2. Eén iets langere wandeling of duurloop
  3. Twee korte krachttrainingen voor het hele lichaam

Plan zware beentraining en intensieve looptraining liever niet strak achter elkaar, zeker niet als je merkt dat je benen daar lang van moeten bijkomen. Een pittige squatdag gevolgd door snelle intervallen klinkt fanatiek, maar kan je herstel, techniek en motivatie flink in de weg zitten. Voor vetverlies hoef je jezelf niet elke dag leeg te trekken. Je hebt vooral genoeg prikkel nodig om vooruit te gaan, genoeg herstel om die prikkel te verwerken en genoeg herhaling om het vol te houden.

Wil je vet verliezen zonder jezelf op te branden, dan werkt rustig opbouwen vaak beter dan een alles-of-nietsplan. Begin met meer dagelijkse beweging, voeg daar haalbare looptrainingen aan toe en bouw krachttraining op met oefeningen die je goed en gecontroleerd kunt uitvoeren. Pas als dat stevig staat, kun je spelen met meer gewicht, meer kilometers of meer intensiteit. Meer doen is niet automatisch beter. Beter doseren meestal wel.

En vergeet je voeding niet

Wie vet wil verliezen, doet er goed aan om niet alleen minder te eten, maar vooral slimmer te eten. Voldoende eiwitten kunnen helpen om spiermassa te behouden, zeker in combinatie met krachttraining. Uit onderzoek blijkt dat extra eiwitinname de toename of het behoud van vetvrije massa bij weerstandstraining kan ondersteunen.

Combineer dat met vezelrijke voeding, genoeg groenten, voedzame koolhydraten en voldoende drinken, en vetverlies wordt al een stuk beter vol te houden. Strak tracken of alles afwegen hoeft echt niet meteen. Vaak begint het met een paar simpele basiskeuzes:

  • Zorg voor een eiwitbron bij elke maaltijd
  • Kies meestal voor voedzame, vullende producten
  • Let op vloeibare calorieën, zoals frisdrank, sapjes of veel koffies met melk en suiker
  • Zie training niet als compensatie, maar als iets wat je met goede voeding ondersteunt

Hardlopen is dus fantastisch als je energie wilt verbruiken, je conditie wilt verbeteren en makkelijk buiten wilt trainen. Krachttraining is onmisbaar als je sterker wilt worden, spiermassa wilt behouden en je lichaam meer vorm en belastbaarheid wilt geven. De conclusie? Samen zijn ze sterker dan los van elkaar.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?