BLESSURES

Dit zijn de 2 blessures waar beginnende hardlopers het vaakst mee te maken krijgen

Praat mee!
Bijdragende schrijver

© Getty Images

Dit zijn de 2 blessures waar beginnende hardlopers het vaakst mee te maken krijgen

Je bent net lekker bezig met hardlopen. De eerste weken voelen goed, je conditie gaat vooruit, misschien denk je zelfs voorzichtig aan je eerste wedstrijd. En dan ineens voel je iets opspelen: een zeurende pijn in je scheenbeen of een knie die steeds gevoeliger wordt.

Het is een scenario dat veel beginnende lopers herkennen. Hoewel hardlopers allerlei soorten blessures kunnen oplopen, zien experts vooral twee klachten steeds terugkomen bij starters: bone stress injurys (BSI) en patellofemorale pijn, beter bekend als lopersknie. Het vervelende is dat deze blessures je trainingsopbouw flink kunnen verstoren. Het goede nieuws: met de juiste aanpak zijn ze vaak goed te voorkomen.

1) Wat is een bone stress injury (BSI) precies?

Een bone stress injury (BSI), oftewel een overbelastingsblessure van het bot, ontstaat wanneer botweefsel meer belasting krijgt dan het aankan. Dat begint vaak subtiel, bijvoorbeeld als een lichte zeurende pijn in het scheenbeen, maar kan uiteindelijk uitgroeien tot een stressfractuur. Bij hardlopers komt dit type blessure vaak voor in het scheenbeen, maar ook voeten, heupen, bekken en het heiligbeen kunnen betrokken raken.

Volgens sportartsen bestaat er niet echt een harde grens tussen gewone scheenbeenklachten en een echte stressblessure. Het zit allemaal op een glijdende schaal. Veel lopers denken dat lichte pijn vanzelf overgaat en trainen door, terwijl de belasting ondertussen blijft oplopen.

Een belangrijk kenmerk van een BSI is dat de pijn heel lokaal zit. Je kunt vaak precies aanwijzen waar het gevoelig is. De pijn wordt meestal erger tijdens het lopen en doet vaak ook pijn bij aanraking. Dat onderscheidt het van spierpijn of andere weke delen-klachten.

Waarom krijgen beginnende lopers zo vaak een BSI?

De belangrijkste oorzaak van zo’n stressreactie van het bot is simpel: overbelasting. Je conditie past zich verrassend snel aan aan hardlopen. Binnen vier tot zes weken merk je vaak al dat je makkelijker langere afstanden loopt en minder buiten adem raakt. Maar je botten lopen achter op die ontwikkeling. Botweefsel heeft veel meer tijd nodig om sterker te worden, vaak zo’n drie tot zes maanden. Dat betekent dat je je conditioneel fitter kunt voelen terwijl je bewegingsapparaat eigenlijk nog niet klaar is voor de belasting.

Juist daar gaat het vaak mis bij beginners. Ze gaan sneller, lopen vaker of maken hun duurlopen langer omdat het conditioneel goed voelt. Alleen krijgen hun botten onvoldoende tijd om zich aan te passen. Ook looptechniek speelt mee. Beginnende lopers bewegen vaak minder efficiënt en landen vaker hard op hun hak. Dat vergroot de impact op onderbenen, knieën en heupen.

Daarnaast zijn herstel en voeding cruciaal. Veel lopers onderschatten hoeveel energie hun lichaam nodig heeft om niet alleen trainingen uit te voeren, maar ook spier- en botschade te herstellen. Wie structureel te weinig eet of onvoldoende herstelt, loopt meer risico op botproblemen.

Hoe voorkom je een bone stress injury?

De belangrijkste regel om overbelasting van je botten te voorkomen: bouw rustig op. Veel coaches adviseren om telkens slechts één trainingsvariabele tegelijk te verhogen. Dus óf vaker lopen, óf langer lopen, óf sneller trainen, maar niet alles tegelijk.

Sterker worden voordat je veel gaat lopen is minstens zo belangrijk. Krachttraining helpt je lichaam beter om te gaan met de impact van hardlopen. Vooral beginnende lopers hebben daar veel baat bij. Ook herstelmomenten zijn essentieel. Rustdagen zijn geen teken van zwakte, maar juist onderdeel van progressie. Tijdens herstel wordt je lichaam sterker.

Verder loont het om alert te zijn op beginnende klachten. Pijn in spieren of pezen rond het scheenbeen kan soms nog relatief eenvoudig worden aangepakt met minder trainingsbelasting, mobiliteitsoefeningen en gerichte behandeling. Wacht je te lang, dan kan de irritatie doorschuiven richting het bot zelf.

Schoenen spelen eveneens een rol. Zeker nieuwe lopers kopen vaak schoenen op advies van vrienden of op basis van trends, terwijl niet elke schoen past bij jouw loopstijl of lichaamsbouw. Een goede loopspeciaalzaak kan helpen bij het vinden van schoenen die passen bij jouw manier van lopen.

Wat moet je doen als je een botblessure hebt?

Bij een overbelastingsblessure van het bot geldt één harde regel: doorlopen werkt averechts. Botweefsel heeft namelijk vooral rust nodig om te herstellen. Blijf je doortrainen met pijn, dan vergroot je de kans dat een kleine irritatie verandert in een echte breuk, zoals een stressfractuur. Hoe lang het herstel van een BSI duurt, hangt dan ook af van de ernst en de locatie van de blessure. Een milde stressreactie kan binnen enkele weken herstellen, terwijl een stressfractuur maanden nodig kan hebben.

Dat betekent overigens niet dat je volledig stil hoeft te zitten. Juist trainingen zonder impact, zoals fietsen, zwemmen of aquajoggen, kunnen helpen om conditie te behouden zonder extra belasting op het bot. Een belangrijk verschil met peesblessures: bij een herstellende botblessure hoort géén pijn. Voel je nog steeds pijn tijdens belasting, dan is het herstel waarschijnlijk nog niet compleet.

2) Wat is een lopersknie?

Naast overbelasting van het bot is ook patellofemorale pijn, beter bekend als lopersknie, een van de meest voorkomende blessures bij beginnende hardlopers. De pijn zit meestal rondom of achter de knieschijf en ontstaat vaak geleidelijk. Traplopen, heuvelaf lopen of lang zitten met gebogen knieën kunnen de klachten verergeren. Bij een lopersknie beweegt de knieschijf niet helemaal optimaal mee tijdens het buigen en strekken van de knie. Daardoor ontstaat irritatie in het gewricht.

Wat zijn mogelijke oorzaken van een lopersknie?

Net als bij een BSI speelt overbelasting een grote rol. Je knieën vangen enorme krachten op tijdens het hardlopen, tot wel vier keer je lichaamsgewicht per stap. Reken maar uit hoeveel belasting dat oplevert tijdens een gemiddelde training. Tegelijkertijd spelen spierkracht en looptechniek een belangrijke rol. Zwakke bilspieren en heupspieren kunnen ervoor zorgen dat andere structuren, zoals de IT-band, harder moeten werken om stabiliteit te creëren. Dat kan extra trekkracht op de knieschijf veroorzaken.

Ook strakke quadriceps, beperkte mobiliteit en een lage pasfrequentie kunnen bijdragen aan klachten. Veel beginnende lopers zetten relatief grote passen en landen ver voor hun lichaamszwaartepunt op hun hak, ook wel overstriding genoemd. Dat vergroot de impact op de knie. Een iets hogere cadans, oftewel meer passen per minuut, kan helpen om die belasting te verminderen.

Hoe voorkom je een lopersknie?

Krachttraining is misschien wel de beste investering die je als hardloper kunt doen. Vooral sterke bilspieren, heupen en quadriceps helpen om je knie stabiel te houden tijdens het lopen. Bovendien verbetert krachttraining vaak automatisch je looptechniek.

Mobiliteit is minstens zo belangrijk. Beweeglijkheid in je heupen, kuiten en bovenbenen helpt je efficiënter lopen en voorkomt dat bepaalde structuren overbelast raken. Daarnaast is het slim om trainingsbelasting geleidelijk op te voeren. Veel knieklachten ontstaan simpelweg doordat lopers te snel te veel willen.

Wat kun je doen als je last hebt van je knie?

In tegenstelling tot een botblessure betekent een lopersknie niet automatisch dat je volledig moet stoppen met hardlopen. Sterker nog: volledig rust nemen is vaak niet nodig. Het draait vooral om slim doseren. Door tijdelijk minder kilometers te maken, heuvels te vermijden en je intensiteit aan te passen, kun je vaak blijven bewegen terwijl je werkt aan herstel. Cross-training, zoals fietsen of zwemmen, kan helpen om conditie vast te houden zonder extra kniebelasting. Ook kun je specifieke krachtoefeningen doen om de spieren rondom je knie te versterken.

Het belangrijkste is om vroeg in te grijpen. Hoe langer je doorloopt met pijn, hoe hardnekkiger klachten kunnen worden. Begeleiding van een fysiotherapeut kan helpen om niet alleen de pijn aan te pakken, maar ook de onderliggende oorzaak.

De belangrijkste les voor beginnende lopers: geef je lichaam tijd om mee te groeien

Beginnende lopers denken vaak dat blessures vooral pech zijn. Maar in veel gevallen ontstaat het probleem doordat conditie sneller vooruitgaat dan spieren, pezen en botten kunnen bijbenen. Juist daarom is geduld zo belangrijk, zeker in de eerste maanden van je nieuwe hardloopavontuur. Bouw rustig op, neem genoeg tijd voor je herstel en krachttraining en vergeet niet goed naar je lichaam te luisteren. Zo maak je uiteindelijk het verschil tussen steeds opnieuw moeten herstellen of duurzaam sterker worden als loper.

Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?