Column

Column: Mijn haat-liefde verhouding met hardlopen voor het goede doel

Update: 29 april 2026 om 06:54
Redacteur

© Getty Images

Column: Mijn haat-liefde verhouding met hardlopen voor het goede doel

In Rotterdam, in Amsterdam en vooral dit weekend in London. Grote stadsmarathons zijn enorme goede-doelenmachines en daar voelt Bram zich niet helemaal senang bij. Niet vanwege het doel, maar om wat het uitstraalt. Hij legt het uit in deze column.

Tussen alle Koningsdagperikelen door stond dit weekend voor hardlopers vooral in het teken van de London Marathon. Een van de grootste marathons ter wereld, maar ook een van de grootste goede-doelenmachines op hardloopschoenen. De afgelopen decennia leverde het evenement al bijna een miljard pond op voor goede doelen. Dat is natuurlijk fantastisch. En toch merk ik dat ik er een beetje ongemakkelijk van word.

Dat ligt niet aan het goede doel. Laat dat duidelijk zijn. Elke inspanning om kanker, kinderziektes en andere ellende de wereld uit te helpen, juich ik van harte toe. Combineer dat met het uitlopen van een marathon en je hebt op papier een prachtig verhaal. Een mens doet iets zwaars, de wereld wordt een beetje beter, iedereen blij.

En toch wringt het ergens.

Geitenpaadje naar de startstreep

Want wat ben je nou precies aan het doen? De ene loper werkt wat extra uren, spaart vakantiedagen op en betaalt een smak geld om in Londen, New York of Rotterdam aan de start te staan. De ander organiseert een loterij, een benefietavond en een paar sponsorloopjes om duizenden euro’s op te halen voor een goed doel en krijgt daarmee toegang tot diezelfde startstreep.

Dat is slim. Dat is nobel. Maar laten we wel wezen, het voelt ook een beetje als een geitenpaadje richting de mooiste marathons ter wereld.

'Ik hoor zelden iemand over een inzamelingsactie om uiteindelijk op een waterkoude zaterdagochtend met miezerregen de Mollen Marathon in Almere-Buiten te lopen.'

Zeker bij een marathon als Londen, waar de kans om via de reguliere loting binnen te komen ongeveer net zo groot is als de kans dat Hemelvaart en Pinksteren op dezelfde dag vallen. Via een goed doel wordt die kans ineens een stuk groter, mits je maar genoeg mensen zover krijgt om te doneren. En dan helpt het natuurlijk dat het vrijwel altijd om de grote, glimmende stadsmarathons gaat. Ik hoor zelden iemand over een inzamelingsactie om uiteindelijk op een waterkoude zaterdagochtend met miezerregen de Mollen Marathon in Almere-Buiten te lopen.

Nee, het zijn Londen, New York, Berlijn of Rotterdam: bestemmingen waar de meeste lopers ook zonder morele missie wel 42 kilometer doorheen zouden willen banjeren.

'Uiteindelijk zijn de beste feestjes die waarna je een paar dagen praktisch invalide bent'

Daar zit mijn probleem. Niet bij het geld. Niet bij het doel. Niet eens bij die goede-doelenlopers. Het is de marathon die wordt verkocht als een Groot Offer voor De Goede Zaak. Alsof het de ergst denkbare kwelling is om onder luid gejuich over een afgezet parcours door een wereldstad te lopen. Natuurlijk is het zwaar, maar het is ook een feestje - een feestje met bloedende tepels, zwarte teennagels en een paar dagen zittend van de trap, maar uiteindelijk zijn de beste feestjes die waarna je een paar dagen praktisch invalide bent.

Niet-lopers kijken daar heel anders naar. Die staan langs de kant met een blik van ‘zij liever dan ik’. En daar maken wij dankbaar gebruik van. Zij zien alleen een afstand die ‘met de auto al ver is', die duurlopen op de vroege ochtend in het weekend en die verbeten grimas op kilometer 37.

Weten zij veel dat wij dit voor onze lol doen. Weten zij veel hoe rustig je in je kop wordt van urenlang rechtdoor hobbelen. Weten zij veel dat we leven voor dat moment bij die finish. Zij kennen dat gevoel niet van bij de finish een medaille om je nek krijgen alsof je net eigenhandig de wereldvrede hebt bewerkstelligd.

Ze zien vooral het afzien. Wij weten wel beter.

'Misschien zijn goededoelenlopers gewoon slimmer dan ik'

De houdbaarheid van een stedentrip met extra koolhydraten

Daarom kan ik mijn eigen marathonambities ook maar moeilijk verkopen als een offer voor de goede zaak. Ik loop niet om de wereld te redden. Ik loop zodat ik iets beters te doen heb dan mezelf in het weekend finaal van de planeet zuipen. Ik loop om de doelloosheid van het bestaan op te fleuren met idiote doelen zoals een marathon onder de drie uur. En dat vind ik een prima goed doel. Ik zou me bezwaard voelen om vrienden, familie en vage kennissen geld te vragen voor iets wat ik stiekem toch al wilde doen. Maar misschien is dat vooral mijn probleem. Misschien zijn goede-doelenlopers gewoon slimmer dan ik. Zij hebben begrepen dat je die rare hobby prima kan koppelen aan iets waar de rest van de wereld wél direct het nut van inziet.

'Laten we als lopers alles op alles zetten om dat moment maar zo lang mogelijk uit te stellen.'

Toch vraag ik me af hoe lang dit model houdbaar blijft. Hoe vaak blijven mensen doneren aan weer iemand die een marathon wil lopen ‘voor het goede doel’? Wanneer komt het moment dat niet-lopers doorkrijgen dat het helemaal geen offer is, maar een groot feest met wat extra spierpijn? Wanneer krijgen ze door dat die ‘opoffering’ ook gewoon een verkapte stedentrip met extra koolhydraten is?

Laten we als lopers alles op alles zetten om dat moment maar zo lang mogelijk uit te stellen.

We houden het onder ons en blijven tegen niet-lopers zuchten over lange duurlopen, zwarte teennagels en stramme benen. Laten we niet te enthousiast doen over de Boezemstraat of het Vondelpark, maar vooral horrorverhalen vertellen over mannen met hamers in het Kralingse bos. Verzwijg die euforie, die mensenmassa’s en dat belachelijk voldane gevoel na de finish.

Zorg dat de marathon als iets onmenselijk blijft klinken, alleen zo blijven die niet-lopers de knip trekken.

Slimme jongens, die goede-doelenlopers.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?