Amsterdammer Boetie Nass (27) zet Nederlands record neer op Marathon des Sables
Eigen foto

Boetie Nass uit Amsterdam heeft onlangs een Nederlands record gelopen op de Marathon des Sables Legendary, een van de zwaarste uithoudingsraces ter wereld. Met de zestiende plaats in het klassement werd hij de snelste én jongste Nederlandse man ooit en eindigde hij vlak achter topsporters, militairen en ervaren ultralopers.
'Ik had meegedaan aan een paar marathons', vertelt Nass, 'en dat ging me goed af. Dus ik zocht een nieuwe uitdaging, iets totaal anders dan een race door de stad.'
Lopen met de profs
De Marathon des Sables is een meerdaagse hardloopwedstrijd door de Marokkaanse Sahara. Deelnemers leggen in zeven dagen ruim 270 kilometer af, verdeeld over zes etappes. Overdag lopen de temperaturen op tot zo’n 45 graden Celsius, terwijl het ’s nachts kan afkoelen tot onder de 10 graden. 'Mijn doel was niet om snel te lopen, ik wilde vooral genieten. Na dag twee hoorde ik waar ik in de ranking stond en begon het toch te kriebelen. Ik dacht: wauw, hoe vet zou dat zijn. De laatste etappes liep ik met de profs mee, Mohammed en Rachid El Morabity, de nummers één en drie. Dat was surrealistisch, normaal kijk je tegen dat soort lopers op, en ineens loop je als gewone jongen naast ze door de woestijn.”
Nass heeft geen topsportachtergrond, maar begon zo’n vijf jaar geleden met hardlopen, tijdens de coronaperiode. In de Runner's World Marathonranglijst van 2025 vind je Nass terug op de 182ste plek. Als bankier bij ABN AMRO moest hij de voorbereiding op de marathon zien te combineren met lange werkdagen. Hij trainde met een schema dat hij zelf opstelde, zonder professionele begeleiding. 'Via de docuserie Human Playground op Netflix hoorde ik voor het eerst over deze uitdaging. Daar werd het omschreven als de zwaarste ter wereld. Toen wist ik: ik wil dit doen.'
Zinderende hitte, mul zand, grillige hoogten
Hij schreef zich samen met zijn goede vriend Coen Verhagen (30) in voor de editie van dit jaar (3-13 april). Met meer dan 1.500 lopers uit 62 landen was het de grootste ooit én markeerde het 40-jarig jubileum van de race. Ter ere daarvan werd de vierde etappe verlengd naar 100 kilometer, af te leggen binnen 48 uur. Een ongekende afstand; normaal is die zo’n 80 kilometer. 'De eerste 95 kilometer had ik nergens last van en die gingen erg goed, maar de laatste 5 waren zwaar. Mijn hele lichaam begon te trillen en toen wist ik dat ik even gas terug moest nemen.'
De marathon afleggen in zinderende hitte, door mul zand en over grillige hoogteverschillen is al een uitdaging op zich. Daar komt bij dat de race grotendeels zelfvoorzienend is. Hardlopers zijn verplicht om al hun benodigdheden zelf mee te dragen in een rugzak, waaronder voedsel, slaapuitrusting, een kompas en een GPS-tracker met een noodknop. Dat kan oplopen tot zo’n 10 kilo extra gewicht. 'Mijn rugzak woog op de eerste dag 7,5 kilo. Mede-deelnemers zagen dat ik goed liep en boden aan om wat uit mijn tas over te nemen of me extra eten te geven, maar dat wilde ik niet. Ik wilde het zelf doen, net als de rest.'
Leven op 15 liter water per dag
Langs het parcours zorgen vrijwilligers wel voor water en eenvoudige berbertenten voor de nachtrust. Een deel van hen gebruikt die rol als een voorproefje: een manier om te ervaren of ze de race een jaar later zelf aan durven. Hoe onvoorspelbaar de omstandigheden zijn, blijkt uit eerdere edities. Zo verdwaalde ooit een deelnemer tijdens een zware zandstorm en werd pas negen dagen later teruggevonden. In die tijd overleefde hij door het drinken van zijn eigen urine en het eten van rauwe vleermuizen. Op zijn dieptepunt probeerde hij een einde aan zijn leven te maken, maar door ernstige uitdroging mislukte die poging. Sindsdien deed hij nog zes keer mee aan de marathon. Toen Nass vertelde dat hij wilde meedoen, zorgden dit soort verhalen bij zijn omgeving wel voor bezorgdheid, zegt hij.
'Ik heb daar echt geleerd wat je lichaam aankan, veel meer dan je denkt. Zeven dagen lang leef je op zo’n 15 liter water per dag en gevriesdroogd eten. Uiteindelijk zijn het de mensen om je heen en de gedachten aan het thuisfront die je erdoorheen slepen.' Niet iedereen loopt hard. De etappes mogen zowel wandelend als hardlopend worden afgelegd. Er is echter wel een ondergrens, gemiddeld moet er ongeveer 3,5 kilometer per uur worden afgelegd. Wie dat niet haalt en wordt ingehaald door een stoet van kamelen, ligt uit de race.
Volgens Nass was het urenlang liggen op het harde zand, de blaren die elke dag terugkomen en het gebrek aan slaap het zwaarst. Het rennen zelf niet eens per se, dat gaat op een gegeven moment op de automatische piloot. 'Tijdens die uren alleen, zonder publiek en met niets om je heen, heb je veel tijd om na te denken. Eén ding weet ik zeker: dit ga ik nooit meer doen. Ik ga met hardlooppensioen', grapt hij.
Dit artikel werd geschreven door Aimee Doeksen.
Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?











