Voeding

Waarom dorst niet altijd dorst is

Praat mee!
Contributing Digital Editor

Getty Images

Getty Images

Je hebt net een groot glas water leeggedronken, maar toch blijf je dorst houden. Dorst lijkt een simpel verzoek van je lichaam om meer vocht, maar dat is niet altijd het geval. Soms heeft je hele lichaam inderdaad water nodig, maar soms vraagt vooral je mond om aandacht en soms zit er een andere oorzaak achter het signaal.

Echte dorst is een slim alarmsysteem

Je hersenen en nieren houden voortdurend in de gaten hoeveel water en zouten er in je lichaam zitten. Drink je te weinig, verlies je veel vocht of eet je een erg zoute maaltijd, dan raakt die balans tijdelijk verstoord. Je krijgt dorst en het hormoon ADH zorgt er tegelijk voor dat je nieren meer water vasthouden. Daardoor ga je meestal minder plassen.

Na een warme dag, stevige training, koorts, overgeven of diarree is dorst dus vaak precies wat het lijkt: je hebt vocht verloren. Donkergele urine, weinig plassen, duizeligheid en vermoeidheid kunnen extra aanwijzingen zijn dat je dreigt uit te drogen.

Soms is het vooral je mond die droog is

Een droge mond en dorst voelen bijna hetzelfde, maar zijn niet per se hetzelfde probleem. Bij een droge mond maak je te weinig speeksel aan of verdwijnt het te snel. Daardoor kan je tong plakkerig aanvoelen en kun je moeite krijgen met praten, slikken of proeven. Een branderig of pijnlijk gevoel in de mond past eveneens eerder bij een speekselprobleem dan bij een algemeen vochttekort.

Dat verklaart waarom je na een nacht met open mond wakker kunt worden alsof je uren door de woestijn hebt gelopen. Mondademhaling, een verstopte neus en angst kunnen de mond uitdrogen, terwijl er in de rest van je lichaam voldoende vocht aanwezig is. Een paar slokken water geven dan tijdelijk verlichting, maar lossen de oorzaak niet altijd op.

Medicijnen kunnen je speekselkraan dichtdraaien

Een droge mond is een veelvoorkomende bijwerking van medicijnen. Onder meer bepaalde middelen tegen allergieën, hoge bloeddruk, depressie, psychoses, misselijkheid en Parkinson kunnen de speekselproductie verminderen. Ook plastabletten kunnen dorst geven doordat je meer vocht verliest. Stop nooit zelf met voorgeschreven medicatie, maar bespreek aanhoudende klachten met je arts of apotheker.

Steeds dorst kan bij een hoge bloedsuiker passen

Blijf je opvallend veel dorst houden, terwijl je verspreid over de dag voldoende drinkt? Dan is het verstandig om ook op andere signalen van je lichaam te letten. Veel dorst kan bijvoorbeeld voorkomen bij een te hoge bloedsuiker. Het lichaam probeert de overtollige glucose dan via de urine af te voeren, waardoor je vaker moet plassen en ongemerkt meer vocht verliest. Dat vochtverlies zorgt er vervolgens voor dat je opnieuw dorst krijgt. Eén dag wat meer drinken of plassen hoeft natuurlijk niet meteen iets ernstigs te betekenen. Houdt het langere tijd aan, zeker in combinatie met klachten als vermoeidheid, wazig zien of onbedoeld gewichtsverlies, neem dan contact op met de huisarts. Die kan eenvoudig onderzoeken of je bloedsuiker een rol speelt.

Meer water is niet altijd de oplossing

Voor volwassenen geldt als algemene richtlijn ongeveer 1,5 tot 2 liter drinken per dag, maar je vochtbehoefte ligt niet iedere dag hetzelfde. Op warme dagen, tijdens het sporten, bij koorts of wanneer je veel vocht verliest door diarree of overgeven, kan je lichaam meer nodig hebben. Ook wat je eet telt mee: fruit, groenten, yoghurt en soep leveren bijvoorbeeld vocht. Kijk daarom niet alleen naar een vast aantal glazen, maar ook naar signalen als dorst, de kleur van je urine en hoe vaak je plast. Een droge mond kan bij een vochttekort passen, maar bewijst op zichzelf nog niet dat je te weinig hebt gedronken.

Keert dat droge gevoel regelmatig terug, dan heeft steeds meer water drinken niet altijd zin. Mogelijk maak je tijdelijk minder speeksel aan, adem je ’s nachts door je mond of speelt medicijngebruik een rol. Regelmatig kleine slokjes drinken kan prettig zijn en suikervrije kauwgom kan de aanmaak van speeksel stimuleren. Besteed daarnaast extra aandacht aan je gebit, omdat speeksel je tanden en mond normaal beschermt. Blijft je mond langdurig droog of krijg je moeite met eten, slikken of praten, bespreek dit dan met je huisarts, tandarts of apotheker. Zij kunnen helpen achterhalen waar het vandaan komt.

Wanneer laat je dorst controleren?

Een droge mond na een zoute maaltijd of een zweterige training is meestal snel verklaard. Maak wel een afspraak met de huisarts wanneer je dagenlang uitzonderlijk veel dorst houdt, drinken nauwelijks helpt of je ook opvallend vaak plast. Hetzelfde geldt bij onverklaard gewichtsverlies, extreme vermoeidheid, wazig zien of een droge mond die eten en praten moeilijk maakt. Soms vraagt dorst dus om meer dan alleen een extra glas water. Andersom kan een gevoel dat op honger lijkt juist aanleiding zijn om even bij je vochtinname stil te staan.

Geen honger, maar dorst?

Honger en dorst zijn verschillende signalen, maar ze kunnen allebei samengaan met klachten als hoofdpijn, vermoeidheid, een licht gevoel in het hoofd of moeite met concentreren. Daardoor is het niet altijd meteen duidelijk waar je lichaam behoefte aan heeft. Heb je kort na een maaltijd alweer trek, terwijl je die dag nog weinig hebt gedronken? Neem dan rustig een glas water en wacht even af. Verdwijnt het hongergevoel niet, dan is de kans groot dat je lichaam gewoon om eten vraagt. Het idee dat dorst vaak wordt aangezien voor honger wordt veel herhaald, maar daar is geen sterk bewijs voor.

Zie water drinken daarom niet als een truc om honger te onderdrukken, maar als een eenvoudige pauzeknop. Probeer aan te voelen wat je lichaam nu eigenlijk probeert te vertellen.

Volg je Runner's World al op InstagramTikTokStrava en Facebook?