5 van de 8 lessen van 400 meter-icoon Liemarvin Bonevacia
Getty Images

Atletiekicoon Liemarvin Bonevacia (37) kreeg onlangs zijn gedroomde afscheid tijdens de EK Atletiek in Birmingham. Zijn estafette-teamgenoten pakten de bronzen medaille op de 4x 400 meter. Bonevacia was de grondlegger van recente Nederlandse successen op deze afstand.
Hij is 37 jaar, heeft een olympische zilveren medaille, twee Europese bronzen plakken op de 400 meter en een carrière waar de meeste atleten alleen maar van kunnen dromen. Toch is Liemarvin Bonevacia nog altijd niet klaar. Met de buitenwereld is hij niet bezig. Hij wil zelf ontdekken wat er nog in hem zit. In een gesprek vanuit zijn trainingskamp in Spanje blikt Bonevacia terug op een loopbaan vol hoogtepunten, blessures, comebacks en persoonlijke groei.
Dit zijn vijf lessen die hij tijdens zijn carrière opdeed.
Leer je lichaam écht kennen
Wie denkt dat een atleet na twintig jaar topsport vooral langzamer wordt, onderschat hoeveel slimmer hij kan worden. Bonevacia merkt het elke dag. Oké, zijn herstel duurt langer dan vroeger. Waar hij als twintiger zonder nadenken de ene zware training na de andere afwerkte, draait zijn carrière nu om keuzes maken. Wanneer gas geven, wanneer twee stappen terug doen. ‘Ik wou dat ik vijf jaar geleden mijn lichaam kende zoals ik het nu ken.’
Dat is ouder worden voor je: inzicht vergaren. Na jaren van buffelen en boetseren voelt hij minutieus aan of hij kan doorduwen of dat hij er beter aan doet om af te remmen. ‘Nu weet ik honderd procent: ik moet twee stappen terugnemen. Anders raak ik geblesseerd.’ Veel mensen denken dat ervaring inhoudt dat je alles al hebt meegemaakt. Voor Bonevacia betekent ervaring vooral dat hij zichzelf eindelijk begrijpt. Hij weet welke trainingen wel en niet werken, hoeveel rust hij nodig heeft en wat zijn lichaam hem probeert te vertellen voordat het misgaat. Dat maakt deze fase van zijn carrière leuker dan de jaren waarin hij fysiek op zijn sterkst was. ‘Ik ken mijn lichaam goed. Dat vind ik eigenlijk heel leuk. Het is een les die net zo goed buiten de atletiek geldt. Hard werken is belangrijk, maar luisteren naar de signalen van je lichaam nog meer. Als je altijd maar doorgaat, houd je dat uiteindelijk niet vol.’
Droom groter dan anderen realistisch vinden
Liemarvin Bonevacia noemt zichzelf zonder aarzelen een dromer. En die dromen stopt hij niet onder stoelen of banken, zelfs als het mijmerijen zijn waarvan de buitenwereld denkt: onmogelijk. Zo ging het in aanloop naar de Olympische Spelen van Tokio. ‘Mijn grootste doel was om de olympische finale te halen op de 400 meter. Als ik dat aan het begin van het jaar had gezegd, had iedereen me uitgelachen.’ Er zat weinig logica achter die droom, want een jaar eerder liep hij nog tijden in de 46 seconden. Niemand rekende hem tot de kanshebbers. Nou ja, behalve Liemarvin zelf dan en dus trainde hij alsof die finale bereikbaar was. Het resultaat is bekend, maar verdient het om nog eens vetgedrukt genoemd te worden: Bonevacia haalde als eerste Nederlander ooit de olympische finale op de 400 meter. Sterker nog: hij was de enige Europeaan in het deelnemersveld. ‘Ik moest dat van anderen horen. Mensen kwamen naar me toe: “Broer, je represent Europa nu. Als enige.” Dat raakte me op dat moment, want ik was zo gefocust op mijn eigen grenzen dat ik zulke dingen niet doorhad.’
Droom groter dan anderen realistisch vinden dus. Anno 2026 is het niet veel anders. In Spanje werkt hij toe naar Birmingham. ‘Makkelijk gaat het niet worden, maar ik zie het voor me. En als ik het kan zien en ik kan het voelen, dan kan ik het ook bereiken. Begrijp je?’ Het is een terugkerend thema in zijn carrière. Eerst ontstaat het beeld in zijn hoofd, gevolgd door de bereidheid om alles te doen wat daarvoor nodig is. ‘Het triggert me. Ik wil echt weten wat mijn lichaam nog kan. Ik voel die commitment zo sterk.’
Verantwoordelijkheid maakt je scherper
Van alle momenten die zijn carrière veranderden, noemt Bonevacia verrassend genoeg niet direct een medaille of een record. ‘De geboorte van mijn zoontje in 2020, man. Dat heeft me meer responsibility gegeven, dat ik het niet alleen voor mezelf doe maar ook voor mijn familie.’ Hij is anders naar tijd gaan kijken, want een topatleet brengt ontelbaar veel uren door op de baan, in de sportschool en op trainingskamp. Sinds hij vader is, werd zijn manier van werken zakelijker. ‘Ik ga niet naar de training om te niksen. Die tijd kan ik ook met mijn zoontje besteden. Het geeft me focus.’
Verantwoordelijkheid blijkt daarmee geen last, maar een filter. Wie beseft dat tijd beperkt is, gaat vanzelf zorgvuldiger om met de manier waarop hij die besteedt.
Het draait niet om perfect zijn, maar om leveren als het moet
Veel atleten kunnen hard lopen als alles meezit. De echte kampioenen leveren wanneer het ertoe doet. Bonevacia noemt zijn bronzen medaille op het EK van 2016 in Amsterdam daarom nog altijd een van de meest bijzondere uit zijn loopbaan. Met name vanwege alles wat eraan voorafging. Zijn moeder was ernstig ziek. Hij verbleef lange tijd op Curaçao en bracht veel uren door in het ziekenhuis. Normaal trainen was er niet bij. ‘Ik had bijna een maand niet echt met mijn coach getraind. Het was een moeilijke periode om terug te komen in mijn race-ritme.’
Maar eenmaal terug in Nederland flikte hij het. Waar niemand rekende op een medaille in het Olympisch Stadion te Amsterdam, knokte Bonevacia zich naar de finale en uiteindelijk naar het brons. ‘Ik was niet de favoriet te winnen, maar pakte mooi mijn eerste internationale medaille.’ Je hoeft niet maandenlang onverslaanbaar te zijn als atleet, zolang je op het juiste moment toeslaat. Als een poema greep hij zijn kans: ‘Ik liep mijn beste tijd in de finale.’
Vertrouwen komt niet vanzelf
In een topsportcarrière ontkom je er niet aan: blessures horen erbij. Bonevacia wil er liever niet te veel over praten. Hij kijkt liever vooruit dan achterom, daarnaast heeft hij positiviteit hoog in het vaandel. ‘Van een blessure raak je ook je zelfvertrouwen kwijt. Die pees en hamstring herstellen wel. Als je die beelden terug gaat kijken, ga je twijfelen. Kan ik weer voluit? Durf ik nog risico te nemen? Misschien gaat het weer verkeerd.’
Ook hier geldt dat hij zijn lichaam beter begrijpt dan aan het begin van zijn carrière. Niet elk pijntje is een alarmsignaal. ‘Ervaring helpt om onderscheid te maken tussen gewone trainingsbelasting en blessures. Inmiddels weet ik: als ik dit voel, heeft het niets met die pees of die hamstring te maken.’
Benieuwd naar het hele verhaal en de overige drie lessen van Liemarvin Bonevacia? In de nieuwste Runner's World lees je het volledige interview.
Volg je Runner's World al op Instagram, TikTok, Strava en Facebook?











